Lange Nieuwstraat 18 | Quint Ondaatje

Beluister de route via de player, ingesproken door Denise Jannah.

<p>Detail van een tekening van J. Buys 1801 (coll. Rijksmuseum), getiteld 'De Utrechtse burgemeester [A.] Loten door woedende burgers aangevallen, 19 december 1785.</p>

Burgemeester Loten door woedende burgers aangevallen

Detail van een tekening van J. Buys 1801 (coll. Rijksmuseum), getiteld 'De Utrechtse burgemeester [A.] Loten door woedende burgers aangevallen, 19 december 1785.

<p>Portret van Pieter Philip Jurriaan Quint Ondaatje, volksleider te Utrecht, Prent , 19de eeuw, naar een tekening van Fouquet uit ca. 1785.  Coll. Het Utrechts Archief.</p>

Quint Ondaatje

Portret van Pieter Philip Jurriaan Quint Ondaatje, volksleider te Utrecht, Prent , 19de eeuw, naar een tekening van Fouquet uit ca. 1785. Coll. Het Utrechts Archief.

<p>Pand Lange Nieuwstraat waar Quint Ondaatje eind 18e eeuw een kamer had.</p>

Lange Nieuwstraat 18

Pand Lange Nieuwstraat waar Quint Ondaatje eind 18e eeuw een kamer had.

 

 

Lange Nieuwstraat 18 was het huis waarin Quint Ondaatje (geboren op Sri Lanka 1758; overleden te Batavia in 1818) als student rechten en theologie een kamer huurde. Zijn vader Willem Ondaatje, een Tamil, was dominee op het eiland Ceylon, het huidige Sri Lanka. Zijn moeder Hermina Quint kwam uit Amsterdam. Voluit was zijn naam Pieter Philips Jurriaan Quint Ondaatje: hij had tevens de naam van zijn moeder aangenomen. Ondaatje ging vanwege zijn gemengde Europees-Aziatische afkomst in de voormalige Britse kolonie als ‘burgher’ door het leven.

Ondaatje kwam als veertienjarige naar Amsterdam. Na het Athenaeum ging hij studeren in Utrecht en werd onderofficier in de schutterij. Ondaatje was een van de oprichters en leiders van de burgerwacht Pro Patria et Libertate, die tegenwicht bood aan de toenemende macht van het Utrechts stadsbestuur, de vroedschap. In 1785 kwamen de patriotten, gesteund door de Utrechtse inwoners, in opstand tegen de corruptie van het Utrechtse vroedschap. De regenten gaven toe.

Zodra het gevaar geweken was, kondigden de Utrechtse bestuurders echter een samenscholingsverbod af. Ondaatje werd aangeklaagd wegens ordeverstoring. Daarnaast misbruikten de regenten zijn Europees-Aziatische afkomst voor een lastercampagne. In een satirisch gedicht werd Ondaatje ‘een zwart ondier, vol lastervonden’ genoemd, evenals ‘een vreemdeling uit slavenland’ en ‘een oosterling’.

In 1786 kwam het opnieuw tot een opstand. Na enkele maanden stuurde de schutterij het vroedschap naar huis, en kwam een patriotse raad aan de macht. Dit duurde niet lang, want in 1787 schoot het Pruisische leger stadhouder Willem V te hulp. Ondaatje vluchtte met andere patriotten naar Frankrijk. In 1794 huwde hij tijdens zijn ballingschap in het Franse Calais met Christina Hoevenaar. Het echtpaar kreeg tien kinderen.

Toen de Fransen in 1795 de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden veroverden, keerde Ondaatje terug. Hij stelde de rechten van de mens voorop en legde de nadruk op vrijheid van meningsuiting en volkssoevereiniteit. Ondaatje vervulde in de Franse Tijd, die duurde tot 1813, verschillende functies in Nederland. Zo werkte hij bij het Oost-Indisch Comité dat de ontmanteling van de VOC tot taak had. In 1815 benoemde koning Willem I hem tot ambtenaar Eerste klas voor Oost-Indië. Ondaatje stierf in Batavia in 1818.