Patriottisme en slavernij

Patriotten, zoals Quint Ondaatje, waren aanhangers van een politieke stroming in Nederland die zich vanaf 1781 verzette tegen de absolute macht van de stadhouder en streefden naar een democratisering van het bestuur. De ideeën kwamen zowel uit Christelijke hoek als vanuit de Franse Verlichting (met Jean Jacques Rousseau als belangrijkste denker). Van invloed was tevens de succesvolle Amerikaanse revolutie, waarbij de Engelse heerschappij over haar kolonie gebroken werd. Ook Petronella Moens geld als een voorvechtster van de patriottische idealen.

In Nederland streefden de patriotten de volgende doelen na:

  1. Herstel van de macht van de Republiek en het beperken van de absolute macht van de stadhouder en regenten.
  2. Herstel van de medezeggenschap van de burger, de burger moest betrokken worden bij bestuur en politiek.
  3. Materiële en morele herbewapening en wel in de vorm van het herstel van de oorspronkelijke functie van de schutterij.

Om het laatste aspect tastbare vorm te geven verenigden de patriotten zich in exercitiegenootschappen. Vanaf 1783 toen het eerste exercitiegenootschap in Dordrecht werd opgericht leidde dit tot een aantal gewelddadige incidenten en tot een verdergaande tegenstelling tussen patriotten en het bestuur.

In 1786 nam men op een landelijke bijeenkomst van de exercitiegenootschappen te Utrecht het besluit de Utrechtse vroedschap (het gemeentebestuur) af te zetten. Een jaar eerder had men al besloten dat niet langer de stadhouder maar de exercitiegenootschappen de leden van de vroedschap zouden moeten kiezen. De machtsgreep in Utrecht, waarbij Quint Ondaatje een belangrijke rol speelde, was een logisch vervolg.

Omdat stadhouder Willem V aarzelde in te grijpen escaleerde de situatie en stonden prinsgezinden en patriotten meer en meer lijnrecht tegenover elkaar. Hoewel ook andere steden onlusten hadden was toch Utrecht (stad en provincie) de focus van het verzet. Een Pruisisch leger maakte uiteindelijk op verzoek van de Staten Generaal een einde aan de patriottische opstand. Utrecht werd hierbij zonder slag of stoot ingenomen, maar op andere plaatsen kwam het tot meer geweld. De leiders van de patriotten vluchtten naar Parijs en veel van hun volgelingen gingen via Antwerpen naar Noord-Frankrijk.

In 1794 bezetten de Fransen Nederland, daarbij geholpen door het Bataafs legioen dat uit uitgeweken patriotten bestond. In 1795 werd de Bataafse republiek ingesteld en namen de patriotten het bestuur over van de prinsgezinde vroedschappen. Hierbij keerde ook Quint Ondaatje terug naar Utrecht.

In de Bataafse Republiek werden een aantal ideeën uit de Franse Revolutie overgenomen en in de wet vastgelegd, zoals de eenheidsstaat, scheiding van kerk en staat, gelijkberechtiging en kritiek op de slavernij. Deze hervormingen zouden na 1813 overgenomen worden door het Koninkrijk der Nederlanden.

Meer informatie

Op Wikipedia is meer informatie te vinden over het patriottisme en het Verlichtingsdenken van Jean Jacques Rousseau.

Over de bijdrage van Petronella Moens aan het patriottisme, zie haar levensbeschrijving op literatuurgeschiedenis.nl

Petronella Moens (1762-1843), De Vriendin van ’t Vaderland,  Ans J. Veltman-van den Bos, 2000, Nijmegen: Van Tilt.

Afbeelding: Patriotten op de Neude te Utrecht i.v.m. eedaflegging op 12 oktober 1786. Anoniem, coll. Centraal Museum.